NLP, oogpatronen en het dagelijkse leven

door | 21 jul 2017 | blog

We liggen ‘s morgens meestal een half uurtje met zijn vieren of vijven in bed. Dit keer moest Richard nog even met Martijn natuurkunde doornemen. Charlotte en ik lagen er bij, luisterden een beetje en vonden het vooral heel knus.

Op een zeker moment vraagt Richard ons even goed op te letten: “Stel een auto maakt 70 decibel geluid. Hoeveel geluid maken 5 van deze auto’s bij elkaar?” Martijn denkt na, je ziet zijn ogen alle kanten op gaan, reutelt wat getallen en geeft uiteindelijk antwoord. Het goede, maar dat is voor nu niet zo relevant. Charlotte kijkt geamuseerd en zegt: “wat doen jouw ogen raar!” Martijn zijn ogen gingen inderdaad van boven naar beneden, van links naar rechts. Hoe zit dat? Waarom doen ze dat? Richard vertelt dat dat te maken heeft met het ophalen van informatie. En Charlotte roept uit: “dat doe ik ook! Maar dan zeggen de juffen: het antwoord staat niet op het plafond!”.

Blog Oogpatronen2

Het antwoord staat dus wel op het plafond! Een beetje tenminste. Probeer maar eens om een complexe vraag te beantwoorden, terwijl je je ogen strak op 1 punt gericht houdt. En met ‘complexe vraag’ bedoel ik dan iets als: hoeveel ramen heeft jouw auto? Of: Naar welk land zou jij het allerliefst op vakantie gaan in de maand november? Of: hoeveel is het kwadraat van 16 gedeeld door twee? Je zult zien dat het bijna onmogelijk is om antwoord te geven zonder je ogen te bewegen.

Dat zit zo: de oogbewegingen activeren bepaalde breindelen. Als je je ogen naar boven beweegt, activeer je bliksemsnel en onbewust het deel dat visuele informatie ter beschikking stelt. Bewegen je ogen naar rechts of links, dan activeren ze tonale informatie. Dus zo haal je de toon van een melodietje op, of herinner je je talige info. Naar beneden bewegen betekent dat je voel- of denkinformatie ophaalt. Een voorbeeld van het ophalen van voelinformatie: ga eens na hoe het zou zijn om op je blote voeten boodschappen te moeten doen vanmiddag.

Is dit nou nuttige kennis? Op zich niet per se heel direct. Behalve als je mensen gaat vertellen dat ze hun ogen op een bepaald punt gericht moeten houden! Dus stel je voor dat je een spreekbeurt moet houden en geleerd hebt dat je recht voor je moet kijken als je voor de groep staat. Dan zou het maar zo kunnen dat je je tekst kwijt bent en dat je een stuk minder natuurlijk en levendig presenteert dan bij je past. Of zoals ik, ik moet als ik coach altijd een soort leeg vlak hebben links boven. Daar haal ik mijn ideeën en inzichten vandaag als het ware. Dus ik zorg wel dat ik cliënten rechts van me laat zitten.

Een tweede reden waar het handig voor kan zijn, is als je mensen een stapje verder wil helpen. Je kan namelijk heel goed aan hun oogbewegingen zien wat ze van binnen doen. En als iemand bijvoorbeeld zijn tekst voor de musical niet kan onthouden of de tafels maar niet geleerd krijgt, kun je samen aan de hand van oogpatronen uitzoeken hoe het handiger kan. Want tafels leer je doorgaans niet in het voel-systeem net zoals je musicaltekst niet onthoudt in het systeem dat voor rekenen bedoeld is 🙂

Charlotte is ons schoolvoorbeeld van duidelijke oogpatronen maar als je er eenmaal op gaat letten zul je het bij heel veel andere mensen ook heel duidelijk kunnen zien. Waar je naartoe kijkt, zegt iets over hoe je van binnen zoekt….

Oh en het goede antwoord is 74, vraag Richard maar een keer hoe dat zit 🙂

Groeten, Cathelijne

Oogpatronen plaatje