fbpx

Hoe verander ik mijn overtuigingen? NLP & Overtuigingen

Bij verandering nemen overtuigingen een grote plek in. Iedereen heeft overtuigingen die meer of juist minder functioneel zijn. We spreken van belemmerende, beperkte of niet-helpende overtuigingen als ze je niet helpen in je doelen en in het leven. We spreken van onbeperkte, verruimende of helpende overtuigingen, als ze je wel helpen in je doelen en het leven. 

Voorbeelden van beperkende / niet-helpende overtuigingen: ‘als je voor een dubbeltje geboren bent, word je nooit een kwartje’, ‘mannen huilen niet’, ‘leren is niet leuk’, ‘ik ben niet goed genoeg’, ‘ik ben niets waard’, ‘gevoelens zijn eng’, ‘niemand is te vertrouwen’, ‘ik moet alles in de gaten houden’, ‘ik mag niet mezelf zijn’, ‘ik mag me niet uiten’.  

Voorbeelden van verruimende / helpende overtuigingen: ‘de wereld is fantastisch’, ‘werk is net als vakantie’, ‘het leven is een grote leerreis’, ‘als ik wil kan ik heel veel leren’, ‘ik ben genoeg’, ‘ik ben helemaal oké’, ‘ik mag mezelf zijn’, ‘mensen zijn in de basis te vertrouwen’, ‘ik mag mezelf uiten’. Een overtuiging kan dus meer of minder functioneel zijn.

Wat zijn jouw overtuigingen? 

Wat je als waar aanneemt, is iets dat je steeds weer bevestigd krijgt. Je ziet meer van dat waar je mee bezig bent. Niet alleen zie je als je zwanger bent ineens allemaal andere zwangere vrouwen opduiken die er voorheen – zo kun je zweren – niet waren, maar ook op emotioneel niveau maken gedachten zichzelf waar omdat dat nu eenmaal de manier is waarop je filtert. Je neemt niets anders waar dan de bevestiging van de gedachten die je over jezelf hebt. Je wordt daarom steeds weer bevestigd in je eigen overtuiging. Dat is interessant, want overtuigingen hebben niets met de werkelijkheid te maken maar nemen wel de plaats in van de realiteit. Dus in plaats van te bekijken wat je allemaal niet bent en kunt, zou je leven er heel anders uit kunnen zien als je bekijkt wat je wel bent en kunt.

Waar komen overtuigingen vandaan?

Overtuigingen ontstaan vanuit verschillende contexten. De ideeën die geplant worden kunnen bijvoorbeeld vanuit de familiesituatie komen: “in onze familie doe je dat niet”, “Ga maar lekker voor een baas werken…”. Die gedachten kunnen tot overtuigingen leiden zoals “Ik doe vaak raar ” en “het is goed om voor zekerheid te gaan”. Ook gebeurtenissen en ervaringen met grote impact staan vaak aan de basis van het ontstaan van overtuigingen. En cultuur is een goed voedingsbodem, denk aan politieke of religieuze overtuigingen.

Hoe ontstaat een overtuiging?

Een overtuiging ontstaat altijd op dezelfde manier. Je hebt ergens een idee over, dat idee wil je bevestigd krijgen (vaak gebeurt dat dan ook), dan neem je daarover een beslissing (vaak onbewust), ahh zo werkt de wereld, zo ben ik, enz. na je beslissing volgt dat het je eigen waarheid wordt, zo is het, en dan is het een overtuiging geworden.

Hoe verander ik mijn overtuigingen

In het communicatiemodel, het kernmodel van de NLP, is een overtuiging één van de filters. Een overtuiging is voor jezelf altijd waar. Ze maken zichzelf waar omdat nou eenmaal de manier is waarop je filtert. Je neemt niets anders waar dan die overtuiging. Je wordt daarom steeds weer bevestigd in je eigen overtuiging. Dat is interessant want overtuigingen hebben niets met de werkelijkheid te maken maar nemen wel de plaats in van de realiteit.

 

Het ‘zie-je-wel’ model

In het NLP-communicatiemodel is een overtuiging één van de filters. Een overtuiging is voor jezelf altijd waar. Ze maken zichzelf waar omdat nou eenmaal de manier is waarop je filtert. Je neemt niets anders waar dan die overtuiging. Je wordt daarom steeds weer bevestigd in je eigen overtuiging. Dat is interessant want overtuigingen hebben niets met de werkelijkheid te maken maar nemen wel de plaats in van de realiteit. Deze bevestiging kun je goed terugvinden in onderstaand ‘Zie je wel’ model.

Wat je als waar aanneemt, is iets dat je steeds weer bevestigd krijgt. Je ziet meer van dat waar je mee bezig bent. Niet alleen zie je als je zwanger bent ineens allemaal andere zwangere vrouwen opduiken die er voorheen – zo kun je zweren – niet waren, maar ook op emotioneel niveau maken gedachten zichzelf waar omdat dat nu eenmaal de manier is waarop je filtert. Je neemt niets anders waar dan de bevestiging van de gedachten die je over jezelf hebt. Je wordt daarom steeds weer bevestigd in je eigen overtuiging. Dat is interessant, want overtuigingen hebben niets met de werkelijkheid te maken maar nemen wel de plaats in van de realiteit.

 

Oefening: wie wil ik dan wél zijn?

Tijd om schoon schip te maken dus, en allerlei nieuwe gedachten over jezelf te verankeren. Daarmee bedoel ik natuurlijk niet dat als je 110 kilo weegt en je elke dag tegen jezelf zegt dat je een slanke den bent, je het ook gaat geloven. Dat is de tsjakka-vorm waar we niet zoveel mee hebben. 

Wat dan wel? Vooral meer ruimte maken voor waarheden die vóór je werken. Dus focus je op ‘ik ben een sloddervos en ik hou nooit dingen vol’ dan heb je gelijk en houd je gelijk. Welke waarheden en gedachten over jezelf zijn fijn, dienen jou en maken dat je stemming verbetert?

  • ik ben (meestal) een liefdevol mens
  • ik ben (meestal) creatief
  • ik ben (meestal) een fijne moeder
  • ik ben (meestal) een doorzetter
  • ik ben
  • ik ben
  • ik ben

Vul maar in welke voor jou lekker voelen, en geef ze aandacht. En denk er gerust het woordje meestal bij, want niemand is altijd 100% leuk of creatief. 

“Whether you think you can, or you can’t – you’re right.”

 (Of je nou denkt dat je het wel of niet kunt – je hebt gelijk.)

Henry Ford

Het grappige is dat Nederlanders dit in vele gevallen nogal overdreven vinden of zweverig gedoe. Amerikanen hebben er daarentegen weer veel minder moeite mee om de dag schreeuwend in de spiegel ‘you are f*cking awesome! te beginnen. 

Van binnen naar buiten

Inside-out of outside in? Dit model stelt je de vraag: ga je van buiten naar binnen veranderen of van binnen naar buiten? Soms werkt van buiten naar binnen prima. Als je leidinggevende, met wie je geen klik hebt, promotie maakt en je een nieuwe, leukere leidinggevende krijgt kan dat veel verschil maken. Als jouw kind een dyslexiebehandeling krijgt, kan het zijn dat school makkelijker gaat en je dus wat ademruimte krijgt. Als jouw partner zijn sokken opruimt, kan het zijn dat je je minder verantwoordelijk voelt voor ongeveer elk aspect van het huishouden.

Maar, dan ben je wel afhankelijk van anderen. Van je leidinggevende, van de dyslexie-expert en/of van je partner. En iets wat bij anderen ligt kun je niet of veel minder makkelijk veranderen. Je eigen zaakjes daarentegen wel, of in ieder geval veel beter. Geen wonder dat afhankelijk hoog scoort op de stressladder. Met inside-out, van binnen naar buiten veranderen heb je een mooie toverstaf in handen. Het inside-out model neemt aan: als ik iets verander in mijn stemming of in mijn gedachten, dan zal er per definitie iets veranderen om mij heen. 

Vind je dat nogal een uitspraak? Probeer het eens. Het is een rotdag en je bent met je verkeerde been uit bed gestapt. Het regent ook nog, je morst je koffie en kunt geen paraplu vinden. De kans is groot dat je met naar beneden gedraaide mondhoeken de deur uitstapt en boos stampend de ochtend doorloopt. Er moet flink wat gebeuren voor je deze stemming omdraait. Verander iets in je stemming. Je loopt bijvoorbeeld eens met naar boven gedraaide mondhoeken de deur uit (ook al moet je jezelf forceren). Die regen verander je niet, maar door jouw glimlach gaan er wellicht mensen teruglachen, biedt een bekende je een plekje onder zijn plu aan, ontstaat er een leuk gesprek en voor je het weet ziet de dag er ineens heel anders uit.

Verander iets in je gedachten en je leven verandert mee. Nee, we bedoelen hiermee niet het populaire ‘fake it till you make it’. Je hoeft echt niet elke dag in de spiegel te kijken, jezelf op de borst te slaan en te vertellen dat je echt een fantastisch mens bent als dat niet bij je past. Dan laat je dat over aan de Amerikanen. 

DIMMEN versus DIPPEN

Wat dan wel? Wen je brein aan DIM-MEN in plaats van DIP-PEN. DIMMEN staat voor Denken In Mogelijkheden, DIPPEN staat voor Denken In Problemen. Stel, er loopt iets mis in je zorgvuldig geplande schema. Meestal rete-irritant. Maar goed, je oppas zegt af waardoor je afspraak in de soep loopt (want daar kun je niet je kinderen mee naar toe nemen).. ‘Potverdorie! Ik had nu net dit of dat gepland, waarom loopt vandaag alles mis, wat nu? Zo last minute kan ik niets anders meer regelen, waarom houdt nooit iemand rekening met mijn schema?!…etc.”  DIPPEN dus. 

Nu even de schakel omzetten in je brein. Welke mogelijkheden zie ik in deze verandering? Wellicht kun je je kinderen trouwens wel meenemen naar de afspraak ook al is dat vast niet HHH (maar bij navraag zit de ander er vaak minder mee dan je had gedacht en is het op dat moment een WWW). En als het niet kan, verzet je de afspraak en maak je van de gelegenheid gebruik om even te genieten van quality time met de kids (want dat schoot er de laatste tijd bij in)? Met hun huiswerk helpen? En hoe handig is dit uurtje om even snel die veel te lange haren van de oudste te laten knippen? Mogelijkheden dus. DIMMEN. 

Of zonder kinderen: er wordt een afspraak afgezegd. Ga je dit bijzonder vervelend vinden omdat je erop gerekend had? (vast wel de eerste paar minuten), of neem je die tijd om nog iets af te maken wat was blijven liggen? Of neem je die tijd om even lekker te shoppen/sporten/wandelen/de hond uit te laten/administratie te doen? Mogelijkheden. DIMMEN. 

Nog zo eentje: als je je de laatste tijd niet zo lekker voelt en bij het bloedonderzoek blijkt dat je flinke tekorten hebt, is dat of heel naar en vervelend en oh, wat erg, hoe kan dit nu? Of je hebt de reden voor je lamlendigheid gevonden en er zit gelukkig voldoende ruimte voor verbetering in. Mogelijkheden. 

Nu is dit uiteraard niet overal even simpel toe te passen, en vaak makkelijker gezegd dan gedaan, maar toch, ook DIMMEN kan een standaard levensinstelling worden. Neuroplasticiteit betekent dat je hersenen kneedbaar zijn. Ze vormen zich ook op latere leeftijd nog steeds, op basis van onder meer ervaringen. Vergelijk je hersenen met je armspieren. Als je die frequent traint, worden ze sterker. Train je één arm, dan wordt die ene arm sterker en de andere niet. Hoe meer je bezig bent met wat je wél wil en wat je wél kan hoe meer je brein daar aan gaat wennen. Het wordt de nieuwe norm.

In eerste instantie was men geïnteresseerd in neuroplasticiteit op het gebied van vaardigheden. Als je veel wiskunde doet, krijg je dus vrij letterlijk een wiskundeknobbel. Als je een bepaalde vaardigheid vaak uitoefent, worden de verbindingen in je brein die samenhangen met die vaardigheid sterker en groeien er zelfs nieuwe verbindingen.
Dit geldt zoals gezegd ook voor emoties en gedachten. Als jij veel gedachten van een bepaalde categorie met een bijbehorende specifieke emotie hebt, dan worden de verbindingen die bij deze emotie horen sterker. En net zoals je de neiging hebt om je sterkste arm te gebruiken om te tillen, zo wil je brein het liefst de meest gebruikte neurologische paden activeren. Dus de meest gebruikte gevoelens, gedachten en gedragingen. Maar dit proces is dus beïnvloedbaar. We zijn geen speelbal van ons brein. We hebben een heel specifiek deel in ons brein waarmee we controle kunnen nemen over wat, hoe en wanneer we voelen, denken en doen. Dat deel is de prefrontale cortex (PFC), maar die gebruiken we zelden bewust, simpelweg omdat de meeste mensen niet weten dat hij er is, en het dus ook niet actief kunnen trainen.

Toen je nog niet van de PFC gehoord had, dacht je wellicht zo is het nu eenmaal. Het leven is op dit moment verdrietig of verwarrend of boos makend. Voor jezelf, voor je kind, voor je partner. En dus zet je al je kwaliteiten in om met deze onplezierige toestand te dealen. Maar nu komt de naakte waarheid: door met een onplezierige toestand te dealen activeer je nog meer netwerken in je brein rondom dat vervelende gevoel. Dus als jij nadenkt over hoe je je onmacht op je werk beter kunt leren hanteren, zijn alle cellen die te maken hebben met onmacht keihard aan het verbinden. 

Cathelijne: “Een van onze kinderen had ineens gezanik op school. Hij bleek voorzichtig gezegd ‘een beetje te brutaal’ te doen. Nu hadden wij wel door wat daar voor sturing achter zat en hadden dus best begrip voor het mannetje. Maar echt handig is het niet om leraren tegen je in het harnas te jagen, dus vroegen wij hem of hij zelf wist wanneer hij te ver ging. Wanneer hij de grens van grappig bijdehand naar brutaal overschreed. Ja, dat wist hij eigenlijk wel. Volgende vraag: ‘Zou je op tijd kunnen stoppen?’ ‘Ja, op zich ook wel’. We hebben hem daarna gevraagd een maand zijn net-niet-meer grappige teksten voor zich te houden in ruil voor iets dat hij graag wilde hebben. Dat kun je omkopen noemen, maar het activeert ook de prefrontale cortex. Bewust je gedrag en neiging registreren en vervolgens anders doen dan je normaal zou doen, vonden wij wel een kwaliteit om te stimuleren. Resultaat? Na twee weken was het nieuwe al normaal en na een maand was hij zelfs al vergeten dat hij een cadeautje zou krijgen. Zo snel leert een jong brein dus.”

Misschien heb je wel eens gehoord van de Wet van Hebb: ‘when they fire together, they wire together’. Als een breincircuit geactiveerd wordt, wordt het ook meteen sterker. Dus welke gedachten en gevoelens wil jij voeden?